









|
|
Snoek / Esox lucius
|
|
|
Leefgebied / Gedrag |
Het vissen op snoek roept bij veel sportvissers emoties op .
Hoewel hij de laatste jaren wat verdrongen is door de snoekbaars ,
blijft het toch nog steeds de meest tot de verbeelding sprekende roofvis .
Het is dan ook de grootste zoetwater roofvis
van onze lage landen .
Max
lengte / gewicht :
Max lengte / gewicht
: 150cm / 25 kg - NL record : 137.5cm/17.25kg . Een + 1 meter snoek wordt
bestempeld als groot , en is zeker geen regelmaat , eerder een
uitzondering .
Leefgebied :
Komt voor in bijna alle Europese
waters , met uitzondering van zeer snel stromend water . komt ook
voor in de brakwaterzone van de Oostzee.
Eetgewoontes :
Deze vis is een typische
roofvis , en dat is duidelijk te merken aan zijn torpedoachtige
lichaamsbouw , maar het is allesbehalve een vrij actieve jager . Meestal
valt hij zijn prooien aan vanuit een hinderlaag . Alles wat zich dicht
genoeg in zijn omgeving waagt , wordt gegrepen met een snelle uitval .
Oudere snoeken , die waarschijnlijk aan snelheid ingeboet hebben door hun
leeftijd zoeken ook vaak de bodem af naar prooien en kadavers . Jongere
snoeken zijn meestal iets actievere jagers . Zij hebben vaak nog geen vaste
standplaats veroverd en gaan dus hun voedsel zoeken . Op het menu
staan alle vissoorten en kleine waterdieren , en dit zijn vaak niet de kleinste . Hij pakt eenvoudig wat
het meest beschikbaar is . Er is geen echt duidelijke trend wanneer
de snoek wel of niet jaagt . Het is goed mogelijk hem op ieder
moment van de dag te vangen , al zijn zo als steeds de ochtend en avond
uren het productiefst . In de koude wintermaanden is hij wel minder
actief , maar blijft eten , dan is het overdag vaak beter omdat de
temperatuur dan vaak iets hoger ligt en de snoek dan iets actiever wordt .
|
|
|
Visstekken |
|
Je treft snoek zowat overal aan . In kleine waters zijn de mogelijke snoekstekken vaak duidelijk te zien , dat zijn
alle plaatsen die een mogelijke schuilplaats of dekking bieden van waaruit
de snoek uit een hinderlaag kan aanvallen . In het waterliggende
natuurlijke obstakels zoals takken en stenen , als kunstmatig aangebrachte
zoals brugpeilers , sluizen , steigers ,
oeververstevigingen , aanlegpalen , kademuren , enz zijn prima
snoekstekken . Verder zijn
uitgeholde oevers , oeverbegroeiing , onderwater staande vegetatie en
lelievelden een uitstekende schuilplaats . In grote waters en
kanalen gaan dezelfde regels op , maar zijn bovenstaande dekkingen niet zo
talrijk aanwezig of zichtbaar . Hier speelt de bodemstructuur een grote
rol als schuilplaats . Voor ons vissers zijn deze natuurlijk niet zo
gemakkelijk te spotten . Soms kan een visvinder hierbij helpen , maar
meestal is ondervinding de beste leerschool . Taluuds , onderwater staande
vegetatie , afstervende of opschietende lelievelden , diepere putten en
onderwater heuveltjes komen hier dan ook als eerste in aanmerking . |
|
Het materiaal |
Hengels :
Snoekvissen kun je op allerlei
manieren , passief en actief , met of zonder dobber
, met levend of met kunstaas . Voor al deze viswijzen is er wel een
typische hengel , wat niet wil zeggen dat je het een niet met het ander
kunt combineren . De hier opvolgende opsomming is dan ook maar een
richtlijn . Er is echter geen enkele allround hengel te vinden waarmee
men alles kan .
|
-
Dobber oever hengel
: Met deze hengel
bedoel ik dus niet een hengel om vanuit een boot te vissen , maar
wel om er de kanten mee af te zoeken . Zeker in onze niet te brede
kanalen een ideale hengel . Dit soort hengel gebruiken we alleen
in combinatie met een dobber en levende of dode aasvis . Omdat hiermee
meestal onderaan , naast, over of boven de oeverversteviging en
vegetatie gevist wordt , moet je beschikken over een redelijke lengte .
van 4 / 5 meter . Met deze hengel hoeft zelden ver geworpen
te worden . Voor deze hengel verkies ik hier een parabolische actie . De
huidige moderne uitschuifbare hengels zijn hiervoor ideaal .
-
Dobber boot hengel :
Hier hoeven we natuurlijk niet ver te werpen . Daarbij is in een boot
een kortere hengel comfortabeler . We kiezen dan ook voor een
langere , soepele karperhengel . Werpgewicht rond de 200gr .
-
Statisch met bodemlood
: Voor deze manier van vissen kunnen
verschillende hengels dienst doen , en dan denk ik hierbij in de eerste
plaats aan alle
lichte karperhengels . Het aas moet vaak over een redelijke afstand geworpen worden , en dan is
een halfparabolische actie een voordeel . Het aas wordt redelijk
zacht geworpen , en de hengel heeft nog genoeg pit om de haak over een
grote afstand te zetten . Werpgewicht tot 300 gram .
-
Sleephengel : Ook
hier gebruiken we meestal een karperhengel . De zwaarte van de hengel is
dan afhankelijk van wat er gesleept wordt . Groot dood aas en grote
pluggen vragen immers een krachtiger hengel dan een kleine slanke plug .
Het is immers ook niet de bedoeling dat de hengel reeds tot in het
handvat gebogen staat alleen door het slepen van een plug . Voor extra
groot aas maak ik zelfs gebruik van een Ultra lichte , zeeboothengel
+- 2.7 meter . 10-12 lbs .
-
Kunstaashengels :
Hier is veel afhankelijk van het soort kunstaas , en deze hengels zijn
dan ook volledig beschreven in het hoofdstuk
"Kunstaas"
|
Molens :
Een lichte molen waarop 100
meter draad kan is voor alle snoek voldoende . Vist u statisch , dan
is een molen met baitrunner te overwegen . Verder natuurlijk een goed
werkende slip .
De lijn :
Nylon komt steeds meer in de
verdrukking . Bij geweven lijn is de verhouding lijndikte / trekkracht
immers beduidend groter . lijndikte is weer
afhankelijk van welke soort , maar een trekkracht van 4-5 kg is meestal
voldoende . Verwacht je slechts vissen tot 3/4 kg dan mag het zelfs minder
. Hoe dunner hoe meer kans , al is de kans dan ook reëel dat je problemen
krijgt als er onverhoopt toch een kanjer aanbijt . Over de kleur van de
lijn heeft iedereen zowat zijn mening ,mijn mening is dat de lijn liefst
zo weinig mogelijk moet opvallen . Fluokleuren zijn dan ook niet aan mij
besteed , ook al zie je de lijn beter bij het binnenvissen . Dat doet de
vis immers ook .
Diversen :
Landingsnet :
Vissen vanaf de kant , en zeker
in kanalen met een vrij hoge oever , is een landingsnet met een lange
steel een noodzaak . Daarbij moet het net zelf ruim genoeg zijn voor een
flinke snoek . Wat al vlug op een breedte van 70cm komt . Vanuit een
boot is een lange steel natuurlijk overbodig , en zelfs ongemakkelijk .
Hier kun je trouwens perfect met de hand landen als je dit wilt .
Schoudertas : Door het actief vissen verplaatsen wij ons geregeld . Hierin
kunnen dan ook alle extra spullen . Zowel hengelspullen als regenkledij en
dergelijke . Laad de tas echter niet te zwaar , je moet ze immers de
gehele tijd dragen . Vis je statisch of vanuit een boot dan is dit geen
belemmering , en mag het al iets meer zijn .
Visakertje :
Vis je met levend aas , dan is
een klein keteltje met uitneembare geperforeerde binnenkant het praktisch
. De uitneembare geperforeerde binnenbox heeft je de kans regelmatig het
water te verversen , of je kan deze langs de oever in het water plaatsen .
Maak het dan wel aan de oever vast .
Voor de bootvisser bestaan er speciale visakkers die je buiten boord hangt
.
Klein materiaal : |
- Dobbers : dit kunnen zowel peer of
sigaarvormige dobbers , met of zonder loodverzwaring zijn . Voor
het ondiep vissen tot 2.5 meter gebruik ik een vaste dobber . Bij het
bodemvissen , of op dieper water neem ik uit noodzaak een schuifdobber .
Om gebruik te maken van de wind kies je voor een zeildobber .
- Staaldraad : Vissen op snoek kan niet
zonder stalen onderlijn . Je hebt de keuze uit verschillende soorten
waaronder gecoat of ongecoat . Men zegt dat ongecoate onderlijnen de
snoek meer schade toebrengen , maar zelf heb ik dat nog niet ondervonden
. Wel is het zo dat ongecoate stalen onderlijnen op sommige waters
verboden zijn , dus hou hier rekening mee . De meeste van deze
staaldraad heeft ook te lijden van knikken tijdens het vissen , waardoor
regelmatig vernieuwen noodzakelijk is .
Er zijn ook onderlijnen van titanium met als voordelen , een hoge
trekkracht bij een geringe diameter , slijtvast en geen rek. Komt ook
steeds in zijn oorspronkelijke vorm , om het even in welke hoek de snoek
de onderlijn ook buigt . Nadeel : je moet goed oppassen welke sleeves je gebruikt . Drennan , berkley en Spro sleeves schuiven
na een tijdje over de gladde lijn . Momenteel gebruik ik een onbekend
merk , en dit werkt voorbeeldig . Nu te verkrijgen in 30lb , 50lb
en 70lb .
- Wartels : met of zonder speld . Gebruik
steeds de beste kwaliteit . Enkele cent minder kan je de snoek van je
leven kosten .
- Lood : zowel bodemlood als schuiflood
voor de dobber .
- Onthaak materiaal : Een goede bektang
met zo lang mogelijke bekken en verder een knijptang . Beksperwers zijn
ondingen , die gooi je beter in de vuilnisemmer . Wat ik wel nog steeds
bij heb is een stukje rubberdarm dat precies over mijn duim past . Dit
laat me toe , wanneer nodig , de snoek toch in de bek vast te houden als
onthaken niet op de gewone manier lukt .
- Haken : zowel dreggen , fleurhaken ,
als enkele haken in verschillende afmetingen
- Zwaar diepte lood
, die ook een vaste
dobber onderwater krijgt .
- Kunstaas , voor de benodigdheden
kun je terecht in het hoofdstuk
" Kunstaasvissen "
.
- Andere klein materiaal
dat het vissen
aangenamer kan maken zoals : stuitjes , lijngeleiders , kraaltjes , enz....
|

1-sigaarvormige snoekdobbers , meestal
gebruikt voor doodaas . 2-zeildobber , sleepdobber en gewone snoekdobber .
3-gecoate stalen onderlijn 4-titanium onderlijn
|
|
Aas |
|
Gebruikelijkst is een niet te kleine aasvis . Meestal een voorn . Een
snoek kan echter beduidend grotere prooivissen aan . We hoeven dan ook
niet bang te zijn om groter aas uit te proberen . Vis ik met levend aas ,
dan hou ik me bijna altijd aan de meest voorkomende maat van aasvis op dat
moment in het water waar ik vis . Meestal is dat voorn van om en bij de 12
cm . Vis ik op de bodem of slepend vanuit de boot , dan is gebruik ik vaak
een aasvis tot 20cm , ook meestal een voorn . Idem voor het bodemvissen ,
maar hier gebruik ik geregeld grotere andere aassoorten , tot zelfs
hele makreel . Een goede regel voor het aas is : Groot water , groot aas .
Wil je gericht op grote snoek vissen , doe dat dan ook niet met een
voorntje van 8 cm , maar gebruik een aasvis die voor een grote snoek nog
een behoorlijke maaltijd betekend , en geen snak . Over het gebruik
van andere vissoorten zoals kleine karpertje , rode visjes , blei of
kleine brasem , kan ik alleen zeggen dat het voor mezelf alleen minder vis
betekende . Uiterst zelden wist ik hiermee een snoek te vangen , hoewel ik
het nu en dan wel uitprobeerde . Het bevestigen van de aasvis kan op
verschillende manieren , zie hiervoor
"roofvismontages"
|

UW ONLINE ROOFVISWINKEL/ DE
SPECIALIST VOOR ROOFVIS
( Klik op de naam en zie de
aanbiedingen van dit kwartaal ) |

|